een nieuw jaar een nieuwe kijk op de orchieeën !
vzw Papilio
Contact
Soorten
Diversen
Foto's
Agenda

Cattleya – koningin van de orchideeën

De cattleya’s komen van tropisch Amerika. De belangrijkste komen uit de wouden van Venezuela en Brazilië.Ze groeien epifytisch hoog op de takken van de bomen op een heegte van 600 tot 3000 m. De eerste Cattleya’s kwamen in 1818 Ebgeland toevallig binnen, gebonden rond een zending tropische planten om deze tegen uitdroging te beschermen. William Cattley, een tuinbouwkundige, redde ze van de ondergang.

Beschrijving

Men heeft 2 groepen,namelijk Calleya’s met 1 blad ( de éénbladige) en Cattley’s met 2 bladeren ( de tweebladige). De éénbladige geven 2 tot 5 grote prachtige bloemen. De tweebladige hebben meer bloemen per bloemstengel, zijn kleiner, maar rijker gekleurd. In de natuur zijn er ongeveer 65 soorten

Cultuuromstandigheden

Een kamertemperatuur van 18° tot 24°C gedurende de dag en 16°C 's nacht volstaan voor deze plant. Tijdens de bloei mag de temperatuur gedurende de nacht 18°C zijn om botrytis van de bloemen te vermijden. Wat luchtbeweging is heel goed, maar geen tocht want dit kan de oorzaak zijn van het afvallen van de knoppen en bloemen.

Bij voldoende luchtbeweging kunnen ze heel wat zon verdragen, het zijn zonneminnaars, want het is niet de hoeveelheid zonlicht dat de plant doet verbranden, maar wel de bladtemperatuur. Om de temperatuur van het blad te laten afkoelen kan men een ventilator plaatsen om de omringende lucht in beweging te houden.

Anderzijds staat de voedselopname rechtstreeks in verband met de hoeveelheid licht. Hoe meer licht des te beter de groenverrichting, en hoe sterker scheut en plant men verkrijgt. Bij voldoende licht hebben ze opgaande scheuten met spat. Het aantal bloemen neemt toe, de bloemen zelf zijn groter van vorm, beter van kleur en houdbaarheid. Cattleya’s met groene worteltoppen ongeacht de tijd van het jaar, kunnen voedsel verwerken. Indien de plant niet groeit, maar de groeiperiode is er, geef deze plant wat stikstof. Nooit bij overtrokken weer bijmesten, want dan is er weinig bladgroenverwerking en dus ook geen voedselopname.

Cattleya’s in een stenen pot, in een mengsel van osmunda, spaghnum en beukenblad, hoeven weinig bemest te worden. Bij een overdosis aan bemesting heeft men een vluggere afbraak van het grondmengsel en wortelverbranding.

Licht, bemesting en water geven.

Het gevolg van te weinig licht zijn uitgerekte bulben, slappe scheuten en de planten zijnvatbaarder voor ziekten. Ook is de plant schijnbaar in rust. Anderzijds doet teveel licht het bladgroen afsterven. De gepaste lichtsterkte en de juiste hoeveelheid water is de gouden regel voor de opkweek van Cattleya’s. Teveel water verdrijft de lucht uit de grond en doet de wortels afsterven.

De plant in zijn opkweek zo weinig mogelijk storen en laten acclimatiseren. Het verpotten kan gebeuren in de lente zodra de nieuwe wortels een paar centimeter lang zijn. Na het verpotten zullen de Cattleya’s zich beter herstellen in een warmere plaats, bij hoge beschaduwing en vochtigheid want het wortelstelsel herstelt zich.. Vanaf eind augustus tot begin september het water geven wat verminderen want de wortels gaan een korte periode in een lichte rust en zijn juist actief genoeg om de groei op gang te houden. Vanaf eind september terug wat meer water, daar de knoppen en bloemen nu gevormd worden.

Bij deze manier van water geven verkrijgt men een langere bloemstengel, grotere bloemen en een langere houdbaarheid. Een lichte gift van potas, fosfor en spoorelementen zal de plant nu gretig gebruiken.

De bladtoppen worden het eerst aangetast en eenmaal de rotting begonnen is is het nog moeilijk te stoppen. Het beste is de aangetaste bladtop te verwijderen en de wond te bestrijken met solferbloem. Dit verschijnsel komt het meest voor bij jonge planten. Bij andere planten gelijkt het op zonneverbranding met geelbruine vlekken op de bladeren.

De wortels

De Cattleya’s bezitten dikke vleesachtige wortels en deze zijn omgeven door een velamen, alleen het puntje is groen. Deze wortels bezitten een hoge zuigkracht en houden de vochtigheid vast. Bij sommige wortels is chlorofyl te vinden, waardoor ze kunnen ademen. Hiervoor verlangen ze een luchtige grond. Nooit water geven waarin teveel kalk zit, want dan verkalt het velamen en wordt de wortelwerking onderbroken. Ook teveel water verdrijft de lucht uit de grond en doet de wortels afsterven. Hierbij worden de bladeren dof, slap en verschrompelen. Deze plant dient verpot te worden in een luchtig substraat.

TOP

 

Sitemap